Image

‘Alsof er niets aan de hand is’

Na een verschrikkelijke, moeilijke en gevaarlijke tocht kwam Gerios (22) eind 2015 in Nederland aan. Samen met een aantal vrienden ontvluchtte hij de oorlog in Syrië. In Amsterdam bouwt hij een nieuw bestaan op. Nieuwe vluchtelingen uit Syrië helpt hij als woonbegeleider om wegwijs te worden in de Nederlandse samenleving.
Wat is je achtergrond, waar kom je vandaan?
“Ik woonde bij mijn ouders in een grote voorstad van Damascus. Na de middelbare school ben ik direct gaan werken, om mijn ouders te helpen. Door de oorlog werd het steeds lastiger om rond te komen. Dat werk was bij een apotheek in Damascus. Ik maakte recepten klaar en bezorgde die.”

Hoe was de situatie voordat je vluchtte?
“De apotheek waar ik werkte, stond in een straat waar veel raketten zijn ingeslagen. Het was er echt gevaarlijk. Door de hele stad heen zie je kapotgebombardeerde gebouwen en er vielen nog steeds bommen. Maar zoals aan alles wat een tijdje duurt, raak je eraan gewend. Het dagelijks leven gaat door alsof er niets aan de hand is. Er zijn veel mensen op straat, winkels zijn gewoon open. Zo is het in de meeste steden in Syrië.”

Je ouders zitten nog in Syrië?
“Dat klopt. Die wonen nog steeds in dezelfde voorstad. Daar is het op zeventig tot tachtig procent van de plekken veilig. Damascus zelf is erg gevaarlijk. De meeste tijd hebben mijn ouders geen elektriciteit en water. En als er al water uit de kraan komt, is het vaak heel zanderig. Ik ben enig kind en mijn moeder zei: ‘Ik ga je niet aan de oorlog verliezen. Ik wil dat je vlucht.’ Mijn ouders wilden zelf ook uit Syrië weg, maar daar hadden niet genoeg geld voor. Ik dacht om ons huis te verkopen en dat geld te gebruiken om te vluchten, maar wie koopt er nu nog een huis daar? Ik hoop wel nog steeds dat ik mijn ouders over kan laten komen. Maar er zijn zoveel regels. Het is heel erg lastig. Gelukkig hebben we veel contact via internet en WhatsApp.”

Hoe ben je in Nederland terechtgekomen?
“Van Damascus zijn we met de bus naar Libanon gereisd. Vandaaruit met het vliegtuig naar Turkije en vervolgens in een rubberboortje naar een Grieks eiland. Daar weet ik de naam niet meer van. Via Samos hebben we per schip Macedonië bereikt. Daarna verliep onze vlucht met bussen, taxi’s en treinen via Servië, Hongarije, Oostenrijk en Duitsland om ten slotte in Nederland te eindigen.”

Ben je net als veel vluchtelingen meteen naar het asielzoekerscentrum in Ter Apel gestuurd?
“Ik kwam aan in Amsterdam. Daar heb ik zes maanden in Zuidoost gewoond. Toen ben ik naar Doetinchem verhuisd om mijn procedure te starten. Een maand heb ik in Ter Apel gezeten en nog een aantal maanden in Baexem, bij Roermond. Je hebt daar heel mooie natuur, maar ik ben gewend om in een stad te wonen. Dus het was er wel saai. Gelukkig kon ik terug naar Amsterdam.”

Waar woon je nu?
“Ik woon in één van de containerwoningen op het NDSM-terrein. Een erg leuke locatie. En met de pont ben je zo in het centrum. Er zitten hier meer vluchtelingen. We wonen tussen studenten. Vier van hen zijn woonbegeleider geworden om vluchtelingen wegwijs te maken in de Nederlandse maatschappij. Ze hebben mij ook ontzettend goed geholpen. Vandaar dat ik besloten heb om ook woonbegeleider te worden. Ik heet nieuwe Syrische vluchtelingen die hier komen wonen welkom en help ze met praktische zaken als het aanvragen van een internetaansluiting, uitleg over het opwaarderen van de pas voor de wasmachines en het vertalen van brieven.”

Hoe ziet een gemiddelde dag er voor je uit?
“In de ochtend ga ik naar school om Nederlands te leren. Dat vind ik heel belangrijk. Ik wil de taal leren van het land waarin ik woon. ’s Middags eet ik eerst wat en dan ga ik studeren. Ik kijk ook graag tv en vaak ontmoet ik vrienden. Verder ga ik naar de fitness en kijk ik graag voetbal.”

Voel je je thuis hier?
“Ja. Ik heb hier veel vrienden, ook een aantal die ik al in Syrië kende. Ook in de opvangkampen waar ik gezeten heb, heb ik vrienden gemaakt. We zien elkaar elke week of soms elke dag. Op het Science Park in Oost heb ik als gaststudent gestudeerd. Dat was een project voor vluchtelingen. Daar heb veel Nederlandse en Europese uitwisselingsstudenten leren kennen.” 

Hoe zie jij de toekomst voor je?
“Eerst wil ik de taal onder de knie krijgen. Dat staat bovenaan mijn lijstje. Daarna wil ik gaan studeren of gaan werken. Het liefst wil ik gaan werken, denk ik. Dat deed ik Syrië ook al. Ik weet niet of ik het geduld kan opbrengen om te gaan studeren. Hele dagen boven je boeken hangen, lijkt me eigenlijk best saai. Ook blijf ik proberen om mijn ouders naar Nederland te halen. Teruggaan naar Syrië is geen optie. Het land ligt in puin en de situatie is zo ingewikkeld. Daar kun je geen leven opbouwen. In Nederland krijg ik heel veel kansen. Die wil ik met beide handen aangrijpen.”
 
Rochdale huisvest 125 statushouders op NDSM-terrein
Rochdale wil rond de zomer van 2017 op de NDSM-werf plaats bieden aan 125 statushouders. Zij huren daar een containerwoning. In januari 2017 stond de teller op 63. Rochdale werktmet ons en VluchtelingenWerk Nederland om de statushouders zo snel mogelijk hun plek in de Nederlandse maatschappij te laten vinden. Vier studenten die op de NDSM-werf wonen en de Syrische Gerios zijn er woonbegeleider. Onder leiding van de Academie van de Stad zorgen zij voor welkomstgesprekken, beantwoorden ze vragen en helpen ze statushouders op de NDSM-werf met praktische zaken. Uit een eerste evaluatie met alle betrokken partijen blijkt dat het verspreiden van de statushouders binnen het complex met containerwoningen goed werkt. Dit wordt dan ook zo voorgezet. De partijen die hierbij betrokken zijn, zijn behalve Rochdale en Academie van de Stad ook nog Vluchtelingenwerk: DUWO, gemeente Amsterdam, politie, RvE Wonen en Entree Amsterdam.

Dit artikel is geschreven door Rochdale. Zie hier het origineel

                                                       
                                                                                                                      Het woonbegeleiders-team