Image

Student in de spotlight!

Lotte Bloemendaal zet zich al twee jaar in als studentcoƶrdinator voor de Springlevende Wijk Transvaal in Amsterdam Oost. Binnenkort stopt Lotte met het project, want ze heeft inmiddels een baan gevonden. In deze rubriek deelt ze haar ervaringen en tips.
Wanneer ben je begonnen als studentcoördinator? 
“Twee jaar geleden moest ik mijn huis uit en ik wist niet zo goed waar ik iets nieuws zou kunnen vinden op korte termijn. Mijn toenmalige huisgenoot kende iemand van Academie van de Stad en vertelde me over het project Springlevende Wijk. Het leek mij direct heel leuk om me in te zetten voor een wijk waar je ook echt woont. Ik ben uiteindelijk terechtgekomen in de Transvaalbuurt.” 

Wat heb je allemaal gedaan de afgelopen twee jaar?
“Heel erg veel! Maar mijn doel is altijd geweest om met zo veel mogelijk mensen uit de buurt contact te hebben. Ook wilde ik ervoor zorgen dat mensen uit de Transvaalbuurt met elkaar in contact kwamen. Dit was in het begin wel moeilijk, je weet namelijk nog niet zo goed wat je moet doen. Zodra je meer mensen leert kennen en regelmatig een praatje met je buren maakt, kun je inspelen op de interesses van de buurtbewoners en activiteiten organiseren. Het kost me nu ook totaal geen moeite meer om mijn buren aan te spreken. De buurvrouw staat hier regelmatig voor de deur met een zak eten dat ze zelf over heeft. Dat is toch mooi? Het is ook gewoon leuk om zelf betrokken te zijn en om te weten wat er in de hele wijk speelt en niet alleen in en rondom je eigen huis.” 

Wat heb je gestudeerd?
“Ik heb Sociale Geografie gestudeerd en een master Migratie en Etniciteit, allebei op de Universiteit van Amsterdam. Het is leuk om over theorieën van bijvoorbeeld diversiteit te leren. En wat je leert zie je hier in de wijk ook direct om je heen. Het is dan gaaf om bij te kunnen dragen aan het samenbrengen van verschillende culturen. Ik kreeg meer context bij mijn studie door mijn werk in de Springlevende Wijk. Ik heb ook nog docent Aardrijkskunde gestudeerd, dus ik mag voor de klas staan. Maar nu wil ik me richten op het werk in de stad, in de wijk.”

Je hebt nu een baan! Hoe heb je die gevonden?
“Het laatste gedeelte van mijn studie moest ik voornamelijk nog opdrachten inleveren, waardoor ik tijd over had. Joep van Academie van de Stad vroeg me of ik tijd had om stage te lopen bij Ymere. Het onderwerp was heel tof: het ging over buurteconomie in Van der Pek in Noord. Toen ik bijna klaar was met de stage heb ik gesolliciteerd op een interne vacature voor assistent-procesmanager. Officieel was ik als stagiaire niet intern, maar ik mocht het proberen. Het is een functie waarin je veel contact hebt met huurders, maar ook de verbinding legt tussen Ymere, de huurder en de aannemer, als bijvoorbeeld een complex vernieuwd moet worden.”

Heb je iets aan je ervaring in de Springlevende Wijk gehad voor deze baan?
“Het leggen van contacten heb ik bij Academie van de Stad geleerd. Dit heeft er zeker aan bijgedragen dat ik heb gesolliciteerd. Ik vind het contact met bewoners gewoon heel leuk en ik wilde dat ook in deze functie doorzetten. Ik kon bovendien laten zien dat ik daar al twee jaar ervaring mee had. Bij Academie van de Stad is dus de basis gelegd. Ze vonden mij bij Ymere in ieder geval goed voor de baan en ik ben aangenomen. Super leuk! ”

Heb je tips voor andere studentcoördinatoren? 
“Blijf met mensen praten. In de supermarkt, op straat of op de markt. Hierdoor krijg je een band met mensen uit je wijk en zorg je ervoor dat je het gezicht van de Springlevende Wijk bent. Zodra meer mensen je kennen, gunnen ze je ook meer en komen ze hopelijk ook sneller naar je activiteiten. Dat face-to-face contact werkt naar mijn mening het allerbest."

"Het is ook leuk om met je team een band op te bouwen. Wij doen met het team vaak leuke dingen samen. En we vergaderen elke week met zijn allen, bij iemand thuis. Soms zijn we sneller klaar dan anders, maar met zo’n wekelijks moment blijf je goed op de hoogte van wat iedereen doet en ken je de projecten. Het is fijn als je teamgenoten je kennen en je advies kunnen geven, of zelfs kunnen inspringen bij jouw project als je zelf een keer niet kan. Mijn team bestaat bijvoorbeeld uit denkers en doeners, we vullen elkaar aan. Ik zal het missen.”